reisverslagen

Reisverhalen



reisverslagen
Siena, Monteriggione, San Gimignano, Castelfranco

Wandelen in de heuvels van Toscane

De nazomer is een prima tijd voor een bezoek aan Midden-Italië. De grootste drukte in de toeristische centra van Toscane, Umbrië en Lazio is eind september wel voorbij en het weer is meestal goed. Je kunt bijna overal mooie wandelingen en fietstochten maken; de laatste jaren is er flink geïnvesteerd in de bewegwijzering van wandelroutes en de toerismebureaus hebben mooie folders met routebeschrijvingen. We trokken in tien dagen van Pisa via San Gimignano en Siena naar Bolsena in Lazio, genoeg om dit afwisselende gebied beter te leren kennen.

Pisa en omgeving

In anderhalve dag rijden we vanuit Nederland naar de camping van Pisa, die vlak bij de stad ligt en toch redelijk rustig gelegen is. Het is maar een kilometer wandelen naar het toeristische gekkenhuis rond de Scheve Toren. Loop je wat verder door het voetgangersgebied in de richting van de Arno, dan ontdek je dat Pisa een gezellige studentenstad is met betaalbare bars en restaurantjes en een mooi stadsplein (lees ons blog over Pisa voor tips over bezienswaardigheden). Bij mooi weer kun je vanuit Pisa een fietstochtje naar het strand van Marina di Pisa maken, een eenvoudig badplaatsje met stranden die grotendeels uit kiezel bestaan en vrijwel helemaal worden ingenomen door stabilimenti (strandbars met betaalde toegang). Er is een klein zandstrand dat vrij toegankelijk is, in het hoogseizoen ongetwijfeld overvol. Ook de mooie plaats Lucca, die nog niet door toeristen is overlopen, is vanuit Pisa gemakkelijk te bereiken met de trein, een ritje van iets meer dan twintig minuten.

1. Wandeling rond San Gimignano

cipresWe zetten koers naar San Gimignano, een van de toeristische highlights van Toscane. Het is hier ook begin oktober op zondagmiddag nog een drukte van belang en het valt niet mee een plekje voor de auto te vinden. IJssalon Dondoli op de Piazza della Sisterna doet uitstekende zaken. Gelato World Champion, staat er op de gevel – het ijs blijkt inderdaad van verbluffende kwaliteit (proef het chocolade-ijs!). Laat je niet intimideren door de vaak lange rij, die gaat snel genoeg, en ook de prijs van een ijsje is heel schappelijk.
Gesterkt door de gelato verlaten we de toeristenkermis van San Gimignano voor een wandeling door de velden rond het stadje ( zie kaartje rechts). Al snel lopen we over doodstille paden door de wijnvelden, met steeds weer prachtige uitzichten op de kenmerkende torens van San Gimignano, het "middeleeuwse New York". Er zijn er nog veertien over van de tweeënzeventig die er ooit in de middeleeuwen werden gebouwd als prestigeobjecten van welgestelde families, die in de saffraanteelt een fortuin hadden verdiend. Na een pestepidimie in 1348 verarmde San Gimignano, maar de torens werden niet afgebroken. Ze stortten in of bleven staan, en de resterende worden nu zorgvuldig onderhouden.


Cipressen en olijven

Het landschap in deze streek is klassiek Toscaans: glooiende wijn- en olijfgaarden, met af en toe een gehucht of een boerderij met een imposante cipressenlaan. De wijn die hier gebotteld wordt is de Vernaccia di San Gimignano, een wijn waar Michelangelo al dol op was, zo gaat het verhaal. Dat zegt misschien vooral iets over de gemiddelde kwaliteit van de wijn in zijn tijd, want tegenwoordig geldt de Vernaccia als een vrij middelmatige witte wijn (met een enkele uitschieter). Zoals zo vaak komen we op deze zonnige zondagse wandeling, waarop we steeds van mooie vergezichten op San Gimignano genieten, verder geen wandelaars tegen, ondanks de talloze toeristen in de nabijheid, en we vragen ons af voor wie al die wandelroutes en wandelgidsen toch worden gemaakt. De gevolgde route van 10 km lengte is overigens ook goed te fietsen, want hij voert steeds over goed begaanbare paden. Onderweg is niets te krijgen, neem proviand voor een picknick mee!


2. Wandelen in de zwaveldampen bij Monterotondo

Zo'n 80 km ten westen van Siena ligt in een tamelijk verlaten streek het mooie dorp Sasso Pisano. Van hieruit maken we een mooie wandeling naar het vulkanisch gebied Le Biancane boven Monterotondo Marittimo (9 km retour). Van heel nabij maak je hier vulkanische activiteit mee in de vorm van sissende stoom, borrelende modderputten en bizar gekleurde zwavelafzettingen. Onder dit gebied in Toscane stuiten de Noord-Afrikaanse en de Euraziatische plaat op elkaar, waardoor heet magma tot vlak onder het aardoppervlak komt. Als we een hand op de grond leggen, voelen we de hitte uit de diepte van de aarde.

Merkwaardig genoeg groeien rond de actieve vulkanische plekken allerlei planten die in deze regio verder niet voorkomen, zoals kurkeiken, die normaal alleen in het laagland groeien, maar van de warmte op deze hoogte (700 m) profiteren. Ook zien we volop struikheide, die in september prachtig bloeit en hier dankzij de zure bodem floreert. Van de geothermische energie wordt hier al heel lang geprofiteerd om energie op te wekken; de eerste elektrische centrale op aardwarmte werd in 1913 in Larderello in gebruik genomen. De van veraf zichtbare, stoom uitbrakende koeltorens die we her en der in het landschap zien, bewijzen dat hier inmiddels volop groene energie uit aardwarmte wordt opgewekt.
zwavelafzettingenBoven Monterotondo hebben we tussen alle stoomflarden door een panoramisch uitzicht over de Toscaanse kust, dat helemaal tot aan Elba reikt. Nog een tip: Je kunt de wandeling ook vanuit Monterotondo maken, maar het is leuker aan de andere kant van de berg in Sasso Pisano te beginnen en daar linksom te lopen, zodat het spectaculairste deel van de tocht niet meteen aan het begin valt.


3. Door de velden en bossen rond Monteriggioni

Vlak bij Siena ligt Monteriggioni, een middeleeuws vestingstadje dat al door Dante in zijn Divina Commedia werd beschreven. Het stadje is inmiddels geheel vertoeristiseerd, getuige het enorme parkeerterrein aan de voet van de heuvel, maar de uitzichten op de imposante vestingmuur vanaf de paden die door de omringende akkers en velden voeren zijn nog steeds prachtig. Hier maakten we een wandeling die deels over de Via Francigena voert, de aloude pelgrimsroute vanuit het noorden naar Rome. De route voert deels door het open veld en deels door mooie eikenbossen en langs wijngaarden. Je kunt de wandeling eventueel inkorten door een bezoek aan Abbadia a Isola te schrappen, maar dan mis je een fraaie 12e-eeuwse kerk in een pittoresk gehucht.


4. Wandeltocht langs de bizarre Balze bij Castelfranco

Zo'n 65 km ten noordoosten van Siena ligt het bijzondere natuurgebied van Le Balze ('de kliffen'), scherp gepunte leem- en rotsformaties die door weer en wind zijn gevormd uit sedimenten van een meer dat hier vele millennia geleden lag. Leonardo da Vinci was al gefascineerd de Balze; de rotsformaties zouden de achtergrond vormen op de Mona Lisa. De wandeling van 8 km begint met een steile afdaling vanuit Castelfranco, een aardig dorp met een paar bars en restaurantjes. Als we beneden in het dal zijn aangekomen, moeten we ons soms een weg banen door het struikgewas, maar in het algemeen is het pad goed te volgen.

We volgen een klaterend beekje, dat we een paar keer oversteken, en even later hebben we de eerste uitzichten op de grillige, leemkleurige formaties, die als een soort mini-Matterhorns uit het glooiende landschap oprijzen en in het warme middaglicht een spectaculaire aanblik bieden. De agriturismo's die we ondeerweg tegenkomen lijken zeker aanraders, want de omgeving is landelijk en rustig, en het uitzicht op de Balze geeft een bijzonder cachet.

panorama toscane